Onder de dakbaan: de dekplaat

Tussen isolatie en dakbaan ligt de plaats voor een dunne, stijve dekplaat. Ze verdeelt puntlasten, geeft de dakbaan een vlakke onderlaag en houdt de isolatie uit het directe contact met dragers en gereedschap. Ze ligt droog, beschermd door de dakbaan, en wordt in dezelfde werkgang gelegd. Dit kan alleen als het dak open ligt: bij nieuwbouw of een nieuwe dakbedekking. Dat is de plaats van DEK.

Op de dakbaan: de minerale laag

Blijft de dakbaan liggen, dan is alleen de bovenkant bereikbaar. Een ter plaatse aangebrachte minerale laag volgt de baan en hardt uit tot een vast oppervlak. Ze ligt in het weer, moet hechten op de werkelijke baan en mag de afwatering niet hinderen. Naden en dragervoeten worden apart gedetailleerd. Dat is de route van VLOEI.

Aan de rand: de weerbestendige plaat

Opstanden, dakranden en doorvoeren staan verticaal in het weer. Daar past geen dekplaat en geen vloeibare laag over het vlak, maar een weerbestendige mineraalplaat die mechanisch wordt bevestigd en water afvoerend is gedetailleerd. Dat is WEER. Leg vóór elke keuze de werkelijke laagvolgorde vast: materiaalnamen, diktes, bevestiging, staat van de naden. Oude tekeningen tonen wat gepland was; foto’s en een proefopening tonen wat er ligt.

De juiste positie is een ontwerpkeuze aan het begin, geen detail voor na de bestelling.